Veilig Werken met de Meterkast
Elektriciteit en gevaren
Elektriciteit als water
Om elektriciteit te begrijpen, helpt het om het te vergelijken met water dat door een leiding stroomt. Stel je een watersysteem voor met een pomp en een kraan.
Spanning (Volt) is als de waterdruk. Hoe hoger de druk, hoe krachtiger het water uit de kraan spuit. In een stopcontact is dit de 'duw' die de elektriciteit krijgt.
Stroomsterkte (Ampère) is als de hoeveelheid water die per seconde door de leiding stroomt. Een dun tuinslangetje heeft een lage stroomsterkte, een brandweerslang een hele hoge. Het is de hoeveelheid elektriciteit die daadwerkelijk beweegt.
Samen bepalen spanning en hoeveel 'werk' de elektriciteit kan doen, zoals het laten branden van een lamp of het laten draaien van een motor. De draden in je muur zijn de leidingen, en de apparaten zijn de kranen die de stroom gebruiken.
Waarom stroom gevaarlijk is
Elektriciteit is altijd op zoek naar de makkelijkste weg naar de aarde. Dat is de weg van de minste weerstand. Materialen die stroom goed doorlaten, noemen we geleiders. Koperdraad is een uitstekende geleider, daarom zit het in onze kabels. Materialen die stroom tegenhouden, noemen we . Het plastic omhulsel van een kabel is een isolator.
Het menselijk lichaam bestaat voor een groot deel uit water en zouten. Daardoor zijn wij helaas goede geleiders. Als je een stroomdraad aanraakt terwijl je contact maakt met de grond, kiest de elektriciteit de snelste route door jouw lichaam heen. Dit kan ernstig letsel veroorzaken, omdat de stroom de natuurlijke elektrische signalen in je lichaam verstoort die bijvoorbeeld je hart en spieren aansturen.
De risico's in huis
In een huisinstallatie zijn er twee hoofdzaken waar het mis kan gaan: kortsluiting en overbelasting.
Kortsluiting
noun
Een situatie waarbij twee elektrische draden met een verschillende spanning (vaak de fasedraad en de nuldraad) elkaar direct raken. Dit creëert een extreem lage weerstand, waardoor er een zeer grote stroom gaat lopen.
Bij vindt de stroom een 'kortere' weg dan de bedoeling was, zonder door een apparaat te gaan dat weerstand biedt. De draden zijn niet gemaakt voor zo'n enorme stroomstoot. Ze worden onmiddellijk extreem heet. Dit kan het plastic om de draden doen smelten en brand veroorzaken. Je herkent het vaak aan een felle flits, een knal en vonken. Gelukkig zorgt de stop in de meterkast ervoor dat de stroom dan direct wordt uitgeschakeld.
Een ander, meer sluipend gevaar is overbelasting.
Overbelasting gebeurt als je te veel apparaten tegelijk op één stroomgroep aansluit. Elk apparaat vraagt een bepaalde hoeveelheid stroom. Al die beetjes bij elkaar opgeteld, kunnen meer zijn dan waar de bedrading op berekend is.
Denk aan een waterkoker, een koffiezetapparaat en een broodrooster op hetzelfde verlengsnoer. De draden in de muur worden hierdoor langzaam te warm. Dit is een veelvoorkomende oorzaak van brand in woningen. De isolatie kan smelten, wat weer tot kortsluiting kan leiden. Een warm aanvoelend snoer of een stopcontact is een duidelijk waarschuwingssignaal.
Daarom is de eerste regel van veilig werken met elektriciteit: schakel altijd de stroom uit in de meterkast voordat je iets aanraakt. Weet wat je doet en neem geen enkel risico.
In de vergelijking van elektriciteit met water, waar staat stroomsterkte (Ampère) voor?
Waarom is het gevaarlijk om een stroomdraad aan te raken, zelfs als je op de grond staat?
